Geplaatst in Middeleeuwen

Tweedaags middeleeuws festival in Hernen kan groot worden

HERNEN – Komend jaar krijgt Hernen nieuw tweedaags middeleeuws evenement. Het Middeleeuws Festijn staat gepland voor 21 en 22 oktober en kan naar verwachting zo’n 2.000 bezoekers naar het kasteel trekken.

De organisatie ziet de locatie als veelbelovend. ,,Het is een prachtig kasteel met grote velden eromheen. Zeeën van ruimte om van alles te organiseren, dus het kan vrij groot worden”, zegt  Menno Brouwers van organisator Cranenburgh Events uit Doetinchem. Naar schatting is er plek voor circa tweehonderd deelnemers. De eerste belangstellenden hebben zich al aangemeld. ,,Dat gaat om middeleeuwse ambachtsgroepen en riddergroepen.” Verder ziet hij mogelijkheden voor een markt en roofvogeldemonstraties. 

Hoe het evenement er precies uit komt te zien, is nog niet duidelijk. ,,We organiseren in deze regio vijf middeleeuwse evenementen, vier in Gelderland en een in Overijssel, en we willen ieder evenement weer een iets andere invulling geven. We gaan nog in de geschiedenis van Hernen duiken om te kijken wat we daarvoor kunnen gebruiken. Kasteel Hernen is bijvoorbeeld nooit belegerd geweest, dus we zullen andere aanknopingspunten moeten zoeken.”

Kasteel Hernen krijgt per jaar zo’n 18.000 bezoekers. Als het aan kasteelmanager Tatiana Klinkert ligt, groeit dat aantal de komende jaren. Daarom worden er sinds de openstelling, drie jaar geleden, regelmatig verschillende activiteiten georganiseerd.

https://www.gelderlander.nl/maas-en-waal/tweedaags-middeleeuws-festival-in-hernen-kan-groot-worden~a55fb6f9/

Advertenties
Geplaatst in Middeleeuwen

Large Viking Age Military Camp Recently Discovered In England

According to a study carried by the University of York and the University of Sheffield, a huge military camp dating to the Viking Age was discovered on the course of River Trent, Lincolnshire, eastern England.

The encampment was larger than most neighbouring urban settlements, providing thus shelter for thousands of Viking warriors , as reported by the new research.

A winter camp was established by the Great Heathen Army (an alliance of several Norse war bands which waged war in England during the early Middle Ages) in 872-873 at Torksey, Lincolnshire, in order to launch subsequent ambushes and sieges against the Anglo-Saxons . Prior to the late 9th century, the Norsemen’s incursions throughout both the Albion and Hibernia limited themselves only at quick hit-and-run raids targeting monasteries and poorly defended seaside rural settlements.

Nonetheless, as the 9th century progressed, the Norsemen returned for conquest and plunder more often in Ireland and Anglo-Saxon England. Consequently, starting in 865, the Great Heathen Army (which was allegedly led by three sons of semi-legendary Norse chieftain Ragnar Lothbrok marched throughout Northumbria, Mercia, Wessex, and East Anglia in order to control and subdue the local authorities and impose their very own rulership.

Scholars and researchers previously knew about the existence of such a military settlement at Torksey, but until quite recently there were no clues with regard to important details such as demographics, size, or economy. Eventually, it was found out that the camp was constructed on a high ground which was partly surrounded by swamps and bordered to the west by the River Trent.

There must have dwelled thousands of Norsemen from all over early medieval Scandinavia throughout the 55 hectare military encampment at Torksey. Additionally, numerous archaeological finds suggest that the Norse stronghold from Torksey was not solely used as a seat for military campaigns. 300 coins unearthed on the site of the former Viking Age camp reveal consistent links with the sea trade routes controlled by the Norsemen along Northern and Western Europe.

Documentation sources and external links:

http://thedockyards.com/large-viking-age-military-camp-recently-discovered-england/

Geplaatst in Wat me bezig hou

Sint-Jozefklooster in Bergen op Zoom

Note Con. Zoals wij allemaal hebben wij op de lagere school gezeten. Het probleem is vaak dat de gebouwen/scholen en zo, afgebroken zijn. Ik zelf heb op een broeder school gezeten. En hoewel ik allemaal nog wel goed weet hoe het allemaal is geweest, heb ik dit gevonden op het Internet.

Pastoor A. van Eekelen van de O.L. Vrouw van Lourdesparochie vroeg het bestuur van de congregatie van de Zusters van Moerdijk een klooster te bouwen. In 1925 stemde het bestuur hiermee in. De zusters kwamen in april 1926, maar het klooster was pas gereed in 1927.

Architect was J.H.H. van Groenendael uit ‘s-Hertogenbosch. De bouw werd uitgevoerd in samenwerking met architect P. de Nijs uit Bergen op Zoom. Mogelijk was De Nijs aansprakelijk voor de scholen, de archieven zwijgen op dit punt. De samenwerking stond nogal eens onder druk.

De pastoor wilde zusters voor de kleuterschool, voor lager onderwijs aan meisjes en voor een naaischool. Tot wanneer ze in het onderwijs actief waren is iets, dat wij graag zouden weten.

Foto: BHIC, collectie Provincie Noord-Brabant

In 1979 is besloten het klooster op te heffen. Het jaar daarop heeft de gemeente Bergen op Zoom het gebouw gekocht, het werd ingericht als wijkcentrum.

Bron: J. Smits, Vademecum van religieuzen en hun kloosters in Noord-Brabant, Alphen aan de Maas 2010

Note Con: Ik heb hier mijn hele lagere school op gezeten. Ben er in 1966 met goed resultaat naar de Lts gegaan. Hopelijk heb ik alles kunnen vinden, wat ik eigenlijk zocht.

https://www.bhic.nl/ontdekken/verhalen/sint-jozefklooster-in-bergen-op-zoom

Geplaatst in Middeleeuwen

Grote Viking zilveren schat gevonden op Bornholm:

“Ik was volledig euforisch en geschud van vreugde”

Een amateurarcheoloog heeft 98 stukjes zilver, sieraden, munten en kettingen gevonden op een veld bij Østerlars.

“Het was een gekke dag. Een van de grootste in mijn detectorcarrière ooit. Het kan niet worden beschreven. “

Zo vertelde amateurtherapeut Terese Frydensberg Refsgaard Jyllands-Posten over de zilverbelasting die ze ontdekte tijdens een detectiveval op Bornholm in de herfstvakantie.

Amateurschap, dat duurde van de 16e tot de 19e eeuw. Oktober resulteerde in Terese Frydensberg Refsgaard in de oprichting van in totaal 98 zilveren voorwerpen uit de Vikingtijd.

Terese Frydensberg Refsgaard, die in Aarhus woont, dacht helemaal niet dat ze iets zou vinden tijdens de speurtocht. Maar na een paar uur rondlopen op een veld bij Østerlars zonder geluk de eerste dag, hoorde ze plotseling een piep van zijn metaaldetector.

De bij was afgeleid van de zilveren schat, die bestond uit zowel halskettingen, armbanden, zilveren kralen en munten. Het kostte vijf uur om de hele belasting samen te incasseren.

“Ik was volledig euforisch en geschud van vreugde”, zegt Terese Frydensberg Refsgaard, die al drie jaar amateur-geoloog is, maar omdat zijn hele leven geïnteresseerd is geweest in de geschiedenis van Denemarken.

Ze vond de stortplaats – de plaats waar de schat was achtergelaten – en heette toen het Bornholm Museum.

Bornholms Museum heeft vandaag op dinsdag een nieuwe opgraving op hetzelfde terrein bij Østerlars gemaakt.

En met een goede reden.

Omdat er op de uitgraving van dinsdag nog eens 40 zilverstukken zijn gevonden, zegt Anders Pihl, archeoloog bij Bornholms Museum.

“Het zijn meestal munten en een klein bruidsmeisje – dat is, delen van sieraden. En dan zijn er een paar kleine hangers die aan een touwtje zitten “, zegt de archeoloog over de bevindingen van vandaag.

De afgelopen hitter: Amateurarcheologen hebben historische recordhistories gevonden in 2016

De hele schat is uit de Vikingtijd, maar het ontbreekt nog steeds aan het museum om precies te bepalen wanneer de schat is. Maar Anders Pihl schat dat het waarschijnlijk uit ongeveer 1000 jaar komt – misschien een beetje later.

Hoewel het een grote ontmoeting lijkt, is het niet zo zeldzaam om Viking silver tax te vinden op Bornholm, zegt Anders Pihl.

Is dit een grote bijeenkomst hier?

“Dat is hoe het is. Maar je bent misschien een beetje brutaal en zegt dat als je hetzelfde in Jutland zou vinden, het iets bijzonders zou zijn – maar we zijn in de speciale situatie hier op Bornholm dat we van tevoren 115 van dit soort belastingfonds hebben, “klinkt dat van de archeoloog. “Het is iets dat Bornholm een beetje een speciale klasse maakt.”

Bornholm is de plaats in het noorden waar je de op één na meest vikingzilveren belasting hebt gevonden – alleen overtroffen door Gotland, zegt hij. Dit komt voornamelijk door het feit dat Bornholm in de Vikingtijd een commercieel goede locatie heeft gehad.

“We hebben ofwel (Vikings, Red.) Verhandeld hier op Bornholm, of we zijn goed geweest om uit te gaan om onszelf te beroven,” zegt hij.

Dus misschien kun je zelfs nog meer vinden?

“Het is nauwelijks de laatste zilveren schat die we hier hebben gezien”, zegt de archeoloog.

Amateurarcheoloog vond ‘unieke schat’ uit de Vikingtijd

De volledige schat wordt nu door het Bornholms Museum naar het Nationaal Museum gestuurd om de beoordeling door Danfoss te bepalen. Een Danefæ-beoordeling is de definitieve beoordeling van de status en academische waarde van een fonds, zoals altijd gedaan door het National Museum.

En het is een plezier voor Terese Frydensberg Refsgaard.

“Ik ben ongelooflijk blij dat de hele belasting nu is beveiligd. Het is een historische feestbijeenkomst – niet alleen voor mij maar ook voor de geschiedenis van Denemarken, “zegt Terese Frydensberg Refsgaard.

Ze zal worden beloond met een loonlijst wanneer het Nationaal Museum de waarde van de belasting heeft beoordeeld.

http://jyllands-posten.dk/indland/ECE10010215/stor-vikingesoelvskat-fundet-paa-bornholm-jeg-var-helt-euforisk-og-rystede-af-glaede/

Geplaatst in Wat me bezig hou

Varens

Op facebook zag ik (5 november 2017) laatst een clipje/video film langs komen van Lunadea’s Traditionele hekserij. Daarin praten ze over bomen en planten. Een van de planten die er in voor kwamen, waren de Varens.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Daar kwam wel iets in naar boven, waarvan ik dacht, ja, die heb ik vroeger ook in mijn tuin gehad. En ik vond dat geweldig.

Mijn ex had zoiets van, Varens, zijn onkruid, weg ermee.

Maar ik dacht daar totaal anders over. Een van de dingen die ik zo mooi vond, was die in het najaar af sterfte maar in het voorjaar daarop gewoon weer boven kwamen. En de rolletjes weer langzaam uit rolde tot een waardige plant.

Nu heb je verschillen soorten varens en in o.a. De bossen kom je die vaal genoeg tegen. Als ik dat zo zie, blijf ik er altijd naar wel even naar kijken.

Op een of de andere manier, doen varens iets bij me. Vraag niet wat, wat dat ik ik gewoon niet zeggen.

Nu praat ik over je varens die je vaak buiten overal ziet.

Toen ik zo dat clipje/filmpje zag, had ik wel zoiets van, zie je wel, dat had ik toen al.

Ik heb nu geen tuin meer, dus ik heb die niet meer. In huis kun je ze ook hebben, maar ze vergen nog wel onderhoud. En gezien hoe ik in het verleden met planten ben omgegaan, lijk het me niet verstandig om dat te doen.

Ik vind tuinen/planten/bloemen en zo heel mooi en prachtige, maar ik weet echt niet het verschil tussen een plant en onkruid. Ooit heb ik wel eens voor iemand, tijdens zijn afwezigheid, voor zijn plantje gezorgd. Maar bij terug komst, kreeg ik een standje, omdat, de ene was verdort en de de andere was verzopen, zullen we maar zeggen. Maar het zeg genoeg over mijn kunde.

Maar buiten dat, vind ik het allemaal heel mooi en prachtig. Mijn motto is eigenlijk, een huis zonder planten is geen huis. Ik koop dan ook ieder weekend een bos met bloemen om ze op tafel te zetten.

En nog steeds, zie ik de varens staan in de tuin. Ook al is het allemaal al zo lang geleden (tussen 1976 en 1984). Ik blijf ze mooi vinden. En zeker nu ik weet dat het iets met Hekserij te maken heeft. Ik had dat toen moeten weten.

Toch maar eens kijken of ik er iets mee op mijn balkon mee kan doen. En wie weet wat ik er dan mee zal doen.

Geplaatst in Wetenschap

Rododendron

Rhododendron anthopogon (Balu – bhale sunpate)

  • Himalaya

Ik heb er nogal tijd ingestoken om enige informatie te verkrijgen. Maar eigenlijk niemand kon mij verder helpen. Er stond wel een klein stukje op het Internet, en dat heb ik hier ook op gezet. Verder was John van Os bereid om er iets over te zeggen. Dat heb ik hier natuurlijk ook op gezet. We blijven verder zoeken, of naar zoiets gelijk. Ben in dit soort dingen erg geïnteresseerd.

Een van de vele Rhododendron soorten in de Himalaya wordt ook als wierook gebruikt.

De kleine rododendron struik met geurige bladeren, schors en takjes, die bij vele Tibetaanse Wierook kenners bekend is. Niet alleen bij de Tibetaanse en Tamang

medicijnman die deze voor genezende wierook gebruiken, maar in bijna elk huishouden heeft men een wierookvat, waarbij een gezin elke dag zijn “puja” uitoefent – een gebed en reinigingsritueel voor thuis, Karma en familie. Rhododendron wordt ook in de beroemde “Bochnath” – Wierook gebruikt (Bochnath = heilige tempel in Kathmandu).

Rododendron bladeren ontwikkelen bij het wieroken een aromatische-harsachtige geur met houtachtige-fruitige noten.

Van John van Os van de Een Groene Wereld” kreeg ik de volgende informatie van.

Hierbij het algemeen gebruik van wierook kruiden en harsen:

De volgende wierook benodigdheden heeft u nodig nodig:

– Vuurvast Wierookschaal (Wierookhouder)

– Dienblad, om wierookschaal op te zetten (bord)

– Wierookzand

– Wierookkolen (snel ontsteker)

– Wierooklepel (een normale lepel is ook goed)

– grote pincet

– Wierook / Wierook mengsel

– kaars (waxine) of aansteker

Steek eerst het wierookkooltje aan en leg deze in de wierookschaal op het wierookzand. Dit kunt u met een grote pincet of met de hand doen. De houtskool tablet heeft een kleine inkeping waarop straks de wierook komt. Nu heeft u een goede tien minuten tijd, want de houtskool moet eerst gloed gaan gloeien voordat u begint met de wierook.

Daarna komt het belangrijkste deel. Neem met de (wierook)lepel de benodigde mengsel en leg de harsen voorzichtig op de inmiddels witte kool. Doseer in het begin voorzichtig (weinig), enkele harsrijke korrels produceren een intense geur. U kunt indien gewenst meerdere keren aanvullen met de harssen. Bij een offer, en dat zijn alle wierook toepassingen, die zijn verbonden met een gebed of dankzegging, in India / Nepal zeggen ze “Puja” daarbij, deel uw gevoelens, behoeften en wensen aan de Schepper toe.

Neem de tijd voor een innerlijke bezinning en uw gedachten worden verbonden met de geurige wierook en helpen u hiermee verder. U zal verder worden versterkt, getroost en bemoedigd met behulp van deze ceremonie en de opgedane zelfkennis geeft u een gevoel van “goddelijke bescherming”.

De keuze van welke wierook bij een “Puja” is eigenlijk niet zo belangrijk, dat wil zeggen, de intensiteit van de dialoog en de toewijding aan het Goddelijke zijn het belangrijkste, omdat het slechts een ondergeschikte rol speelt, met welke wierook u gebruikt. Verwijder nu uw wierook met een pincet en een lepel, wanneer u met uw “Puja” klaar bent of als het te lang duurt, of wanneer de geur niet meer aangenaam is en voeg wat verse wierook toe of beëindig uw ceremonie. Open voor, tijdens of na de wierook ceremonie uw raam, hierdoor maakt u misschien een opening naar de hemel om uw bericht te versturen. U kunt uw wierook ceremonie ook verstevigen door aan het begin en het einde van de ceremonie uw klank schaal te gebruiken.

Not Con: Als ik dit zo leest en de info heb op geslagen in mijn geheugen, dan heb ik toch zoiets, maar dat kan ik niet alleen. Misschien durf ik dat niet echt. Maar als iemand mijn wil helpen, dan sta ik daar natuurlijk graag voor open.

Geplaatst in verhalen

Een Kort Verhaal

Nu schrijf ik al, weet ik veel hoe lang, korte verhalen. Ik zeg beslist niet dat ik het kan. Ik vind het gewoon heerlijk om te doen.

Soms gaat het eigenlijk nergens over, maar er is altijd wel iets wat op mij zelf slaat. Wat ik heb mee gemaakt, waar mijn passie is, wat ik mooi vind of wat ik eigenlijk wel zoek. Ik bewaar dat allemaal, brand ze weg op een schijf op zoiets.

Ik laat altijd in het midden war iets over mij zeg. Ik laat dat graag aan de lezers over. Maar denk niet dat je dat je weet wie ik ben. Er zijn nog zoveel dingen die ik niet durf te schrijven, nog niet kan, of gewoon voor mezelf hou.

Ik leunde achterover op mijn bureaustoel Ik had moeide benen en legde ze daardoor op een hoek van mijn bureau. Mijn collega vroeg me of het weer zover was. Ik knikte en zei hem ja.

Even later, toen mijn benen wat rust hadden gekregen, haalde ik ze van mijn bureau af en ging normaal op mijn stoel zitten achter het bureau. Ik plukte wat aan mijn lange grijzen haren. Zocht in de lade van mijn bureau naar een stiekje, zodat ik mijn haar op een staart kon doen. Ik vond er geen. Ik stond op en liep naar de kapstok. Mijn collega vroeg me waar ik plots naar toe ging. Ik corrigeerde hem en zei hem hem dat wij gingen. Met een wat donker gezicht pakte hij zijn jas, en kwam achter me aan.

Het was zachtjes aan het regenen, net nu ik met mijn collega weg moesten. Nadat we een tijdje hadden gereden, begon het heviger te regenen. Het kwam, zeg maar, met bakken plots uit de daarstraks zo blauwe hemel. Daar was nu niets meer van te zien, van die blauwe hemel dan. We spraken niet met elkaar. Ik was er wat onderuit gezakt en mijn collega had al zijn aandacht nodig om op de weg te blijven. Toen we op plaats van bestemming waren gekomen en ik mezelf weer recht op ging zitten, zag ik dat de harde regen de weg had schoon gespeld. Dat was maar goed ook, want zo kon ik ongehinderd de mooie omgeving zien.

Mijn benen waren weer als vanouds. Ik liep dan ook vrolijk te huppelen. Hoewel het eigenlijk nog wel een beetje regende, deerde me dat in mijn geheel niet.

Bij terug komst, ging ik op mijn bureau stoel zitten en deed mijn ogen dicht. Mijn gedachten gingen terug naar mijn jeugd, toen ik tussen de 10 en 16 jaar was. Iemand zei me ooit eens dat ik rebels was. Ik wist in de tijd niet eens wat rebels was, dus laat staan dat ik vond dat ik dat was. Veel later toen ik wist wat rebels betekende, moet ik eigenlijk wel toe geven, dat men toen wel gel;ijk had.

Toen ik zo,n jaar of 12 was, wilde ik mijn haar laten groeien groeien. Ook mannen moesten lang haar hebben. Dat vonden ze thuis niet goed, natuurlijk. Ik ben eens naar de kapper geweest, werd terug gestuurd met de mededeling dat ik niet was geweest, want mijn haar was niet kort genoeg geknipt.

Ik heb eens zoiets gehad, een jaar of 15, 16 was ik, met een spijker broek. Nu was het bij ons zo dat men een een nette broek moest lopen. Maar ik vond een spijker broek wel mooi. Als ik ging werken dan kon ik dat wel aandoen, maar in het weekend, als ik uit ging was er gewoon niet bij. Na lang zeuren en het toch maar doen, deed ik die spijker broek aan als ik uit ging.

Later toen er steen wash spijker broeken kwamen, zeg maar voor gewassen spijkerbroeken, zeg maar wat lichtere plekken op de benen, liep ik voor schandaal, zal ik maar zeggen.

En toen ik in de eerste klas van de LTS zat en ik laarzen aan wilde doen, heb ik land afgelopen om ze te kunnen kopen. Want mannen droegen geen laarzen. Toen ik ze een maal had en ik ze droeg toen ik naar school ging, mag je eenmaal raden wat er tegen mij gezegd werd.

Eigenlijk heb ik altijd wel gedaan wat ik dacht wat goed was en wat bij me paste. Pas veel later, zeg maar zo rond mijn 60tigste jaar, kwam ik pas achter bepaalde dingen van me. Ik moet toen gelijk bevestigen dat ik het altijd wel in me heb gehad. Het was dan ook totaal geen verrassing dat ik bepaalde dingen te weten kwam.

Ik was er achter gekomen dat ik ik eigenlijk A was, maar ik moest me als B gedragen. En dan kom je op de duur toch in conflict met jezelf. Toen ik achter bepaalde dingen kwam, viel eigenlijk alles op zijn plaats. Ik had eindelijk het gevoel dat ik thuis was.

Ik werd uit in mijn gedachten gestoord, door het bellen van de telefoon. Mijn collega wilde de telefoon al op nemen, omdat hij aan me zag, dat ik in diepe gedachten was. Maar ik was hem net voor. Het was een kort telefoon gesprek. Nadat ik de hoorn op de haak had gelegd, stond ik op en liep naar de deur. Mijn collega keek me een beetje verrassend aan. Ik zei hem dat hij zich niet al te druk moest maken, de baas wilde gewoon dat ik even kwam. Hij had me iets belangrijks te vertellen. Alsof ik een jonge hond was, liep ik opgewekt naar het kantoor van mijn baas. Ik nam op gewekt de trap en klopte zachtjes op de deur.

Hij zat achter een zijn bureau en leunde behaaglijk wat achter over. Het was een enorm groot bureau. Hij gebaarde wat wild voor zich uit, en zei me dat ik kon gaan zitten. Eigenlijk deed ik dat niet graag. Het gaf mij altijd het gevoel dat ik maar een nummer was voor. Maar deze keer nam ik zijn aanbod aan en ging nonchalant op een stoel zitten. Hij stak gelijk van wal. Hij had klachten gekregen van een medewerker over mij. Ik zou niet goed functioneren, en ik ging te veel mijn eigen weg. Natuurlijk was ik het daar niet mee eens, maar omdat ik moei was, liet ik het maar zo. Ik had geen zin in problemen. Tenslotte zijn ijn collega die avond langs komen, om een kaartje te leggen.

Mijn collega belde. Een zware bel dreunde door mijn huis. Maar eer ik op stond, mijn sloffe had aan gedaan, waren er enige minuten verlopen. Toen ik de deur opende begroete ik mijn collega hartelijk. Deed een stap op zij en liet hem binnen. Binnen gekomen, vroeg hij me verbaasd waar mijn vrouw was. Ik zei hem dat ze met haar vriendin naar de bioscoop. Ik beduiden hem dat hij kon gaan zitten en terwijl hij dat deed, vroeg ik hem of hij iets wilde drinken.

“Doe mij maar een bakkie koffie, als het niet te veel moeite is”

“Voor jou is dat nooit te veel moeite, dat weet je.”

Ik was erg op mijn jonge collega gesteld. Wij waren het wel niet altijd met elkaar eens. Maar ik gaf altijd het leeftijd verschil de schuld. Ten slotte was ik nog van de oude stempel, terwijl hij zich met veel moderner software, apparatuur en zo, bezig hield.

Mijn collega vroeg me, wat mijn baas gezegd had, toen ik me bij hem moest melden. Ik vertelde het hem, en hij moest zo eens lachen.

“Maar als je het niet erg vind, wil ik er nu eigenlijk niets over zeggen. We zijn thuis, en werk kom morgen weer. Nu gingen we een kaartje leggen.”

Ik liep naar de keuken om te zien of de koffie al klaar was. Ik kwam met de koffie kan en twee kop en schotels op een dienblad terug. Terwijl ik het neerzette, schonk mijn collega de koffie in. Deed zowel bij mij als bij hem de melk er in en bij hem deed hij nog twee suiker klontje in de koffie. Ik stond op en haar uit de kast een trommel met allerlei koekjes. Inmiddels pakte ik ook twee stokken met kaarten en legde deze op tafel.

We dronken van onze koffie, schonken daarna nog eens in en nadat ik voor hem een pilsje had gepakte, begonnen wij te kaarten. Het was een gezellige avond, en plots ging de bel weer. Ik keek op de grote klok en zag dat het al weer tegen 23.00 uur aan liep.,

“Dat zal mijn vrouw zijn”zei ik, terwijl ik op stond.”

“Is het alweer zo laat” zei mijn collega verbaasd. “Dat komt ervan als het gezellig is, dan vergeet je de tijd.”

Nadat mijn vrouw mijn collega hartelijk had begroet, liep je ze gelijk naar de keuken om zo wat hartig klaar te maken. We dronken nog wat en mijn vrouw vertelde vol enthousiast over de film. Ondertussen smulde mijn collega en ik de gehele schaal met lekkers op.

De volgende middag keek ik naar de klok. Het was bijna 17.00 uur. Ik stond op en deed mijn jas alvast aan. En terwijl ik dat deed, werd er op de deur geklopt. Ik riep binnen. De deur ging open en er verscheen een mooie jonge knappe vrouw. Ik bewonderde haar slanke figuur. Ze had, in mijn ogen, een veel te korte rok aan. Terwijl ik haar een stoel aanbood aan mijn bureau, legde ik mijn hoedje op mijn bureau en nadat ik mijn jas ook op het bureau had gelegd, ging ik er achter zitten. Ik luisterde gespannen naar haar verhaal en mijn collega maakte er aantekeningen ervan, wat ze zei. Nadat ik haar had vertelt dat ik de andere morgen er met mijn baas over zou praten. Tenslotte had hij die dag een vrij, stemde ze goed keurend naar me, stond op en liep dezelfde deur weer uit waar ze naar binnen was gekomen. Ik stond nog even met mijn collega te raten en terwijl ik dat deed, pakte ik mijn jas en mijn hoed, en wuifde hem tot morgen.

Nadat ik de auto had genomen en naar huis reed, toeterde ik drie maal en mijn vrouw kwam de deur uit.

“Je bent lekker vroeg,” zei ze.

“Ik zei toch dat ik op tijd thuis zou zijn zijn, zodat we lekker vroeg bij ons ons favoriete restaurant zijn.”

Terwijl ze de autogordel had om gedaan gaf ik haar een stevige zoen. Ik zet de versnelling in de eerste en reden op weg.

Na een half uur waren we op onze plek. Het was een restaurant in de stijl van de jaren 1200, de middeleeuwen stijl. We genoten daar keer op keer van en ook namen we altijd eten uit die tijd.

Er stonden drie lange tafel in, ze stonden in U vormig. Aan die tafel, wat op een soort monniken tafel leek, stonden aan weerszijde twee lange houten banken. Je kon er zeker met een stuk of twaalf aan een tafel zitten. Aan de wanden hingen verschillen schilden waar draken, leeuwen, eenhoorns, King Richard, King Arthur afbeeldingen op stonden. Ook hingen er verschillende zwaarden, die alle zeer stevig aan de wand waren vast gemaakt. Een dan de vele lantarens, fakkels en kroon luchter. En aan beide kanten van de desk, waar jij je eten en of drinken kon bestellen, stonden twee heuse harnassen. Het was er echt gezellig. Helemaal mijn ding.

Tegen twaalf uur waren we thuis. Onze beide buikjes waren voldaan. Thuis dronken we nog een bakje koffie, en daarna gingen we naar bed. Niet veel later sliepen wij al.

Geplaatst in Middeleeuwen

Het Dagelijkse Leven In De Middeleeuwen

Het huidige Gelderland was een belangrijk gedeelte van Nederland ten tijde van de Middeleeuwen. De provincie bestond toen uit het graafschap Gelre dat in de 14e eeuw tot hertogdom werd uitgeroepen.

Sporen van dit bloeiende verleden vind je nog terug in het Achterhoekse landschap in de vorm van kastelen, vestingsteden en eeuwenoude dorpen. Het grootste gedeelte van de bevolking merkte maar weinig van deze bloeiperiode. Hun dagelijks leven was erg armoedig.

Zelfgemaakte kleding

Het woord ‘mode’ kwam niet voor in het woordenboek van middeleeuwse boeren en de arme stadsbevolking. Het uiterlijk van de kleding deed er niet toe, zolang je er maar goed in kon werken. Mannen droegen vaak een hemd of een tuniek tot de knieën met een maillot eronder of beenkappen. Over hun hoofd en schouders droegen ze een soort capuchon als bescherming tegen de kou. Vrouwen droegen ongeveer dezelfde kleding, maar hun tuniek was langer. De mensen sponnen of weefden hun kleding vaak zelf en ze droegen hun kleding totdat het volledig versleten was.

Eén keer per jaar in bad

Mensen wasten zich in de Middeleeuwen zo min mogelijk. Ze dachten toen namelijk dat het natuurlijke beschermlaagje van je huid zou verdwijnen als je te vaak in bad ging. Alleen hun gezicht, oren, handen en voeten wasten ze zo nu en dan. Kleding werd ook maar ongeveer twee keer per jaar door een sopje gehaald. Je kunt je wel voorstellen hoe erg iedereen stonk in die tijd. In deze tijd had men ook geen toiletten. Mensen deden hun behoefte in de natuur, op straat of op mesthopen. Dat maakte de geur op straat er natuurlijk niet beter op.

Iedere dag soep eten

De gewone bevolking leefde in de Middeleeuwen constant op het randje van ondervoeding. Hun maaltijden bestonden meestal uit dikke soepen, waar ze alle ingrediënten in verwerkten die ze maar konden krijgen: bonen, knollen, wortels en af en toe een stukje vlees als ze geluk hadden. Verder aten de mensen veel eieren in de Middeleeuwen. Men at maar twee keer per dag, maar dan wel een grote portie per keer. Voor de rijke bevolking bestonden maaltijden meestal vooral uit vlees. Voedsel werd gepekeld, gedroogd of gerookt om het langer te kunnen bewaren.

Bier bij alle maaltijden

Veel afval werd in de middeleeuwen in de grachten gegooid. Dat zorgde ervoor dat het drinkwater in middeleeuwse steden sterk vervuild raakte. Het is dus niet vreemd dat mensen in die tijd liever bier dronken in plaats van water. Bij het brouwen van bier werd het water verwarmd, waardoor veel schadelijke bacteriën in het water dood gingen. In de middeleeuwen was bier dus de veiligste optie qua drinken. Zelfs kinderen dronken bier in die tijd.

Boodschappen doen op de markt

In middeleeuwse steden werd er zo’n twee tot drie keer een markt gehouden. Dit was de plek waar de hele stad samenkwam. Ambachtslieden verkochten en ruilden er hun handelswaar, stedelingen deden er boodschappen en de boeren kwamen er spullen kopen die zij op het platteland niet konden krijgen zoals bier en kaarsen

https://www.route.nl/feitjes-en-weetjes/het-dagelijkse-leven-in-de-middeleeuwen

Geplaatst in Middeleeuwen

Bezoek aan de middeleeuwen op kasteel Ammersoyen

Van een afstand maakt kasteel Ammersoyen meteen al een imposante indruk. De dikke muren en vier robuuste hoektorens zijn erop gebouwd om ongenode gasten buiten te houden. Tegenwoordig bestaan ongenode gasten niet meer: iedereen mag er een bezoek aan brengen.

Door Martin Deinum

Kasteel Ammersoyen ligt in de Bommelerwaard, vlakbij de rivier de Maas en in het Gelderse dorp Ammerzoden. Gezien het bouwjaar, omstreeks 1280, hebben we hier te maken met een echte (laat-)middeleeuwse burcht. Dat is er ook aan af te zien.

Hoewel het interieur door de eeuwen heen vaak gerestaureerd is, is een groot deel van de massieve buitenmuren en hoektorens nog authentiek middeleeuws. De muren zijn metersdik en voorzien van schietgaten. De slotgracht en de brug daaroverheen maken het plaatje van een typische middeleeuwse waterburcht helemaal af.

Belangrijke bewoners

Die dikke muren waren niet voor niets. Het kasteel is meerdere malen belegerd en beschoten. Hier woonden ook niet de minsten: de bewoners speelden vaak een belangrijke rol in de Gelderse politiek. De bouwers van het kasteel, leden van het geslacht Van Herlaer, kwamen uit een geslacht van ridders en grootgrondbezitters. Het kasteel ging in verschillende handen over, tot het eind 15e eeuw in bezit kwam van de familie Van Arkel. Deze familie heeft lange tijd een belangrijke rol gespeeld als heren van het Land van Arkel.

Rondleiding

De middeleeuwse indruk die het kasteel van de buitenkant geeft, zet zich binnenin voor een groot deel voort. In de jaren 70 van de 20e eeuw is het kasteel grondig gerenoveerd, en daarbij zoveel mogelijk in de middeleeuwse toestand terug gebracht.

Nadat je de kleine binnenplaats bent overgestoken, daal je een trappetje af naar de taveerne. De houten banken roepen meteen beelden op van middeleeuwse eet- en drankgelagen. Hier begint ook de rondleiding met de gids.

De eerste kamer van de hoger gelegen hoofdverdieping die je daarna bezoekt is de kemenade oftewel het vrouwenvertrek. Hier beleef je de sfeer van de heren van Arkel, uit de 14e en 15e eeuw. In deze ruimte, die verwarmd werd door een grote haard, zaten de dames bijeen, om te handwerken of te lezen.

Muurtrappen en vensterbanken

De naastgelegen ridderzaal was het domein van de mannen. Gelegen in het hart van het kasteel, vond hier het dagelijks leven plaats. Hier zie je ook het typisch middeleeuwse verschijnsel van de vensterbank. Denk niet aan onze huidige vensterbanken, maar aan een zithoekje tegen de vensters aan, omdat het daar licht was. Met recht een vensterbank.

Echt middeleeuws doen ook de smalle trappetjes in de muren aan. De muren waren zó dik dat er ruimte uitgespaard kon worden voor trappen die naar de bovenverdiepingen en de torens leidden.

Lange tijd zijn deze trappetjes niet te zien geweest. Dit had te maken met de brand die in 1590 woedde, en het kasteel voor een deel van binnen verwoestte. De kasteelheer Joris van Arkel (1550 – 1590) kwam hierbij om het leven. Pas tegen het midden van de 17e eeuw werd de schade hersteld. De nieuwe bewoner, Thomas Walraven van Arkel (1614 – 1694), liet de trappetjes dichtmetselen en bouwde bredere trappen in de vertrekken zelf. Bij de renovatie in de 20e eeuw werden de muurtrappen weer teruggevonden en in ere hersteld.

Tijdreis

Via een dubbele deur in de ridderzaal kom je in de westvleugel en maak je even een reis door de tijd. Deze vleugel ademt namelijk de sfeer van de latere bewoners van het kasteel in de 17e en 18e eeuw. De schoorsteenschouw in de voormalige slaapkamer op de hoofdverdieping van de donjon is versierd met goudkleurige schilderingen en werpt je terug in de Gouden Eeuw. Verschillende adellijke baronnen en gravenfamilies hebben hier gewoond tot het in 1873 overging op de Rooms-Katholieke kerk.

Volgens een oude overlevering zou de laatste baron, Arthur baron de Woelmont (1826-1911) het kasteel niet verkocht hebben, maar vergokt tijdens een partijtje dobbelen met de pastoor. Deze legende is wat twijfelachtig, maar zeker is dat het kasteel in handen kwam van de kerk, die er in 1876 een klooster van maakte. De nonnen van de clarissenorde kwamen er te wonen. Dit heeft echter nog geen 70 jaar geduurd. Want aan het eind van de Tweede Wereldoorlog raakte het kasteel zwaar beschadigd door beschietingen van de geallieerde troepen. De nonnen werden geëvacueerd en keerden niet meer terug.

Museum

Van de kloostertijd is in het interieur niets meer terug te zien. Alleen op de bovenste verdieping, die als museum is ingericht, lees je erover. In de museumzaal vind je onder meer de archeologische vondsten die gedaan zijn in de gracht om het kasteel. Je ziet er gebruiksvoorwerpen uit een periode van zeven eeuwen, zoals bekers, kannen, speelgoed en beeldjes. Hier wordt de complete geschiedenis van het kasteel door de eeuwen heen met tekst, tekeningen en foto’s uiteengezet.

Wasmachines

Van de laatste gebruiker is eveneens niets meer te zien. In de jaren 50 van de 20e eeuw wordt het kasteel gebruikt als, geloof het of niet, een wasmachinefabriek. Daarna gaat het over in handen van de Stichting Geldersch Landschap en Kasteelen die in de jaren 70 een grootscheepse restauratie start. Sinds de opening na de restauratie in 1976 is het kasteel opengesteld voor het publiek. Ook worden er feesten, bruiloften en evenementen gehouden.

De rondleiding eindigt weer in middeleeuwse sferen. De gids neemt je mee naar de kerker, onderin de donjon toren. De kerker is nu te bereiken via een gangetje in de drie meter dikke muur. Maar in de tijd dat de kerker nog in gebruik was, kon men deze slechts bereiken via een luik in het plafond. In de aardedonkere, koude ruimte kreeg de gevangene zijn schaarse eten en drinken, ook via het luik omlaag gelaten.

Must-see

Kasteel Ammersoyen is een must-see voor alle kasteelliefhebbers. Het is niet het grootste of weelderigst ingerichte kasteel, maar de echte middeleeuwse sfeer die in een groot deel van het kasteel hangt maakt het zeker een bezoek waard.

Meer artikelen over kastelen in Nederland op GeschiedenisBeleven.nl

©GeschiedenisBeleven.nl, auteur: Martin Deinum, foto’s: kasteel Ammersoyen en Stichting Geldersch Landschap & Kasteelen

http://www.geschiedenisbeleven.nl/bezoek-aan-de-middeleeuwen-op-kasteel-ammersoyen/

Geplaatst in Middeleeuwen

Queens Regnant: Anna Jagiellon – The Spinster Queen

Moniek Anna Jagiellon, Anna Vasa of Sweden, Bona Sforza,Catherine Jagiellon, Poland, Sophia Jagiellon, Sweden, 4 January 25, 2016

Anna Jagiellon was born on 18 October 1523 to King Sigismund I the Old of Poland and Bona Sforza. She spent her childhood in Kraków with two of her sisters,

Sophia and Catherine. It was a rather mundane childhood and she was quite a forgotten child. She was involved in charity and spent her spare time embroidering, sewing and playing chess. She was fluent in Italian and a bit of Latin, but not much more of her education is known.

Her father even forgot about marrying her off. It was only after his death in 1548 the first candidate appears. He was quite unsuitable and the new King, her brother, also did not attend to her marriage. In 1550 her mother Bona attempted to negotiate a marriage, but this too came to nothing. Her sister Sophia was finally married in 1556, to Henry VI, Duke of Brunswick-Lüneburg.

By now Anna was in her mid-thirties and finally her brother seemed to remember her. A double match was arranged between Anna and Magnus, Duke of Östergötland and Catherine and John, Duke of Finland. In a twist, only John arrived in Vilnius and though it would be uncustomary for a younger daughter to be married first, Anna agreed to it.

After being jilted at the altar Anna moved to the Royal Castle in Warsaw and lived there for about ten years. She was not alone, as she had a court of around 70 people around her. Despite her age, marriage proposals continued to come.

Her life began to change when her brother died in July 1572 leaving no heirs. Suddenly she was no longer his spinster sister but an heiress in her own right. Her brother had left all his wealth to his three sisters. The throne was offered to Henry of Valois, who would later become Henry III of France. He was elected King of Poland on 11 May 1573 upon the promise that he would marry Anna. However, for some reason the treaty did not include this promise and again Anna was left humiliated. By May 1575 Henry was removed as Polish King. Later that year Anna was proposed as the next monarch. The belief was that women could not rule on their own and so Stephen Báthory was proposed as her husband. They were elected as co-rulers on 15 December 1575. They were married on 1 May 1576 at Wawel Cathedral and crowned on the same day.

Anna was now 52 years old, but was believed not to have entered menopause. The marriage was duly consummated, perhaps in the faint hope of an heir. The couple mostly lived apart and Stephen enjoyed the greater political influence. Rumours soon arose that he wished to marry a younger woman.

With little political influence Anna sought to occupy her time and sponsored several constructions, such as the Royal Castle in Warsaw, the Sigismund Augustus Bridge and the completion of Ujazdów Castle. She also funded the building of the tomb monuments of her brother, her mother and eventually her husband when he died in 1586.

His death gave her an opportunity to claim power for herself , but she did not take it. Instead she proposed her niece and nephew Anna and Sigismund Vasa, the only children of her sister Catherine and King John III of Sweden. Sigismund Vasa was elected King on 19 August 1587 and he arrived with his sister in Poland that October. In July 1595 she was named as godmother to Sigismund’s son Władysław, who would become King of Poland.

She died not much later on 9 September 1596 and she was buried at Wawel Cathedral. Some of her embroidery survives to this day, like this gorgeous eagle.

https://www.historyofroyalwomen.com/the-royal-women/queens-regnant-anna-jagiellon/